Kiwengwa: Het laatste glas
Door: JoepJ
20 Januari 2026 | Tanzania, Kiwengwa
Ik schenk mijn laatste glas Woodford Reserve Bourbon in. Nog gekocht op Schiphol om aan het einde van de zware vakantiedagen, voor het slapen, even mee tot rust te komen. Met wat goede muziek erbij op mijn oortjes om niemand in de omgeving wakker te houden of te maken. Vandaag precies het laatste glas op de laatste dag van ons verblijf aan de kust. Morgen gaan we terug naar Stone Town, om daar nog een dagje rond te lopen en de dag daarna een vroege vlucht naar Amsterdam te nemen.
Alleen op ons terrasje op de tweede verdieping van ons appartement. De trap naar beneden leidt tot een binnenplaats met een muur eromheen. Achter een deur ligt de straat, een zandpad waar overdag de kippen en kinderen spelen. Er rijden wat taxi's, de dagelijkse drinkwater- en olietruck, naar de aan het einde van het straatje liggende hotels en resorts. Er lopen toeristen hun ogen uit te kijken naar het laatste stuk oorspronkelijk dorp in de buurt. Aan de overkant wordt gewerkt aan een nieuw hotelletje. Een grote berg zand en tientallen jerrycans water worden door vrouwen op hun hoofd naar binnen gelopen Binnen zijn ze de muren aan het stuken.
In de huizen en winkeltjes brandt nergens licht. Alleen in The Yoga Bar en in een hotel rechts. Op de muur van ons appartementsgebouwtje branden ook twee felle lampen. Ik zit in het donker op ons terrasje. Op het straatje gebeurt nu helemaal niets. Er loopt helemaal niemand, nergens flikkerende schermen van een televisie, geluiden van een radio of stemmen van mensen.
Het is laagwater en nieuwe maan. Dat betekent dat de branding een paar honderd meter verder is en niet te horen. En ook dat het donker is. Er is een absolute stilte. Het is pas een uur of tien in de avond en er heerst rust. Vijftig meter van het maagdelijke witte strand, midden in de avond. De kippen zijn op stok en de mensen ook.
Langs de hele kust van Kiwengwa, waar we zitten, zijn langs de zee hotels en resorts gebouwd. De hutjes van de lokale mensen zijn allang verdreven, verder het land in. Ze wonen niet meer aan het strand maar langs de weg, een paar honderd meter landinwaarts.
Wij waren twintig jaar geleden ook op Zanzibar. We sliepen in een klein Italiaans hotel. Een tuin met palmbomen en er stonden een paar andere huizen in de buurt. Voor vertier liepen we een paar kilometer over het strand naar een cocktailbar. Nergens stonden op dat stuk huisjes of winkeltjes. Er waren palmbomen, zand en de zee. En op de weg terug, midden in een donkere nacht, was het net zo donker als nu. Halverwege was er een agressief blaffende hond. Twee felle ogen in het licht van onze zaklantaarn. Hij viel ons niet aan, maar bleef blaffend en grommend achter ons aanlopen, als in een Hitchcock-film.
Waar het precies was, weten we niet, maar het was aan deze kust en zal niet meer bestaan.
Ook waar we nu zitten zal het dichtslibben. Niet met flatgebouwen, want er wordt hier nergens hoger dan twee verdiepingen gebouwd.
Ik geniet van dit stukje straat waar we hebben mogen slapen en iedere dag gegroet werden door een oud vrouwtje dat achter een muurtje voor haar huis stond. Of het kleine winkeltje dat alleen maar fruit verkocht en als ik een flesje bier bij hem wou kopen, bracht hij die tien minuten later bij ons appartement. Of de man die in zijn kleine winkeltje zat te schilderen en ons ook iedere keer groette met 'Jambo'. Ook al hebben we nooit iets bij hem gekocht. En de kinderen die in de berg zand speelden.
De bourbon brandt in mijn keel.
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley